Natuur en Milieu Overijssel Samen voor een mooi en duurzaam Overijssel.
Menu
Eerste resultaten onderzoek jeugd en vrijwilligerwerk in de natuur

Eerste resultaten onderzoek jeugd en vrijwilligerwerk in de natuur

DSCF4325Momenteel loopt er bij Natuur en Milieu Overijsel (NMO) een onderzoek naar de betrokkenheid en vrijwillige inzet van jongeren bij natuur- en milieuorganisaties. Over het verloop en de resultaten houden we je graag op de hoogte.

Uit gesprekken met verschillende natuur- en milieuorganisaties blijkt dat veel groepen behoefte hebben aan  aanwas van nieuwe (jonge) vrijwilligers. Om groepen hierbij te helpen doet Luuk de Vries sinds februari een onderzoek. Hij studeert aan de Universiteit Utrecht en volgt daar de master Geo-communicatie. Het onderzoek richt zich op de vraag wat jongeren (12-18 jaar) stimuleert om vrijwilligerswerk te doen bij natuur- en milieuorganisaties en hoe zij meer betrokken kunnen worden. Met de uitkomsten van het onderzoekt hopen we lokale natuur- en milieugroepen handvatten te geven om meer jongeren te betrekken bij hun organisatie. Hieronder een aantal bevindingen die Luuk tot dusver gedaan heeft.

Wat zegt de literatuur?
Uit het literatuuronderzoek blijkt dat het betrekken van jongeren bij de natuur om verschillende redenen belangrijk is.

  • Het fysieke contact tussen jongeren en de natuur is steeds minder aanwezig. Waardoor jongeren weinig kennis hebben van de natuur. In plaats van buiten te spelen zitten kinderen en jongeren steeds meer  binnen, achter de computer of de televisie.
  • Jongeren zonder positieve ervaringen met de natuur voelen zich op latere leeftijd minder betrokken bij de natuur en zijn minder geïnteresseerd om zich in te zetten voor natuur en natuurorganisaties.
  • Dat jongeren steeds minder in contact komen met de natuur, wil niet zeggen dat ze geen interesse meer hebben in de natuur. Volgens de ’Biofilie’ theorie van Edward O. Wilson uit 1984 hebben mensen zelfs een aangeboren interesse voor andere levende organismen en voelen zij zich vanaf de geboorte al verbonden met de natuur en natuurlijke elementen.
  • Jongeren maken zich zorgen om natuur en milieu. In een onderzoek uit 2004 onder leerlingen gaf zelfs tachtig procent aan zich zorgen te maken over de toekomst van natuur en milieu, alleen zijn ze moeilijk te bereiken of te mobiliseren om over te gaan tot actie.
  • Naast een teruglopende betrokkenheid bij de natuur onder jongeren, neemt het aantal jonge vrijwilligers de afgelopen jaren ook af. Dit speelt niet alleen binnen de natuur- en milieusector, maar binnen vrijwel alle  vrijwilligers-sectoren.

Natuur- en milieuorganisaties zijn bij uitstek groepen die deze betrokkenheid kunnen vergroten.

Wat zeggen de lokale groepen?
Naast het literatuuronderzoek heeft Luuk gesprekken gevoerd met vijf verschillende natuur- en milieuorganisaties uit Overijssel, om te inventariseren welke knelpunten de groepen ervaren met het betrekken van jongeren. Veel bevindingen, die in deze gesprekken gedaan zijn, kwamen overeen met informatie uit de literatuur.

  • Vergrijzing en ontgroening van de leden is ook bij de groepen een terugkerend probleem.
  • Het wordt als lastig ervaren om jongeren te bereiken.
  • Er worden momenteel weinig natuuractiviteiten aangeboden voor jongeren.
  • Jongeren zijn vrijwel niet actief als vrijwilliger binnen natuur- en milieuorganisaties.
  • Groepen zijn op zoek naar activiteiten die aansluiten bij de belevingswereld van jongeren.

Wat zeggen landelijke natuur- en jongerenorganisaties?
Als derde stap in het onderzoek heeft Luuk zes interviews afgenomen met partijen die, ofwel ervaring hebben met het betrekken van jongeren bij hun natuur- en milieuorganisatie, ofwel omdat ze veel expertise hebben op het gebied van jongeren(werving). Zo zijn de NJN, Woesteland, Landschap Overijssel, Juniorrangers Weerribben-Wieden, Jeugdbureau Stap en Youngworks geïnterviewd en gevraagd naar hun ervaringen met het bereiken van jongeren. Hieruit kunnen een aantal conclusies getrokken worden:

  • Jongeren willen zich niet binden aan organisaties, maar zijn wel bereid om incidenteel mee te doen aan vrijwilligersactiviteiten.
  • Jongeren willen wel, maar om ze te betrekken is het belangrijk om aan te sluiten bij de behoeften van de jongeren.
  • Bij activiteiten moet de nadruk liggen op het doen. En niet te sterk op natuureducatie.
  • Jongeren willen meedenken en serieus genomen worden.
  • Bij het begeleiden is contact maken met jongeren en interesse tonen heel belangrijk.
  • Jongeren zijn heel gevoelig voor groepsdruk, daarom is het belangrijk dat er oog is voor groepsprocessen.

Wat zeggen de jongeren zelf?
Als laatste stap in het onderzoek gaan we de komende weken zo’n 275 enquêtes afnemen onder leerlingen uit het voortgezet onderwijs van verschillende niveaus en leeftijdsklassen. Met behulp van een online vragenlijst en een samenwerkingsopdracht vragen we hen onder meer in hoeverre ze betrokken zijn bij de natuur; in welke mate ze bekend zijn met natuur- en milieuorganisaties en of ze bereid zijn om te helpen bij bepaalde natuuractiviteiten. Bovendien vragen we ideeën voor nieuw te ontwikkelen natuuractiviteiten.

Naar verwachting loopt het onderzoek tot eind juni. De resultaten en aanbevelingen presenteren we in een onderzoeksrapport dat we graag met zo veel mogelijk mensen delen.


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en ontvang het laatste natuur en milieunieuws in je mailbox:
Inschrijven
Volg ons via social media  
 
Wij worden gesteund door:
Nationale Postcode Loterij
CBF