Gedeputeerde Staten van Overijssel zijn van plan om de voorbereiding en uitvoering van de inrichtings- en gebiedsprojecten op te schorten voor zover er geen juridische verplichtingen zijn aangegaan. Eerst wordt nu in kaart gebracht wat de consequenties zijn. Dit voornemen is volgens gedeputeerde Piet Jansen een logisch gevolg van de bezuinigingen én de herijking van de EHS die het kabinet heeft aangekondigd voor het landelijk gebied.
Naar aanleiding van de presentatie van het regeerakkoord hebben Gedeputeerde Staten op 5 oktober 2010 al besloten om nieuwe verplichtingen voor aankoop, functiewijziging en beheer van natuur voorlopig op te schorten totdat er meer duidelijkheid bestaat over hoe de Ecologische Hoofdstructuur er uit gaat zien. Maar de effecten van het regeerakkoord zijn veel groter. Zo heeft het kabinet aangekondigd landelijk ruim 600 miljoen te korten op het lopende programma voor het landelijk gebied, het pMJP. Voor Overijssel gaat het dan om ongeveer 60 miljoen euro tot en met 2013.
Daarnaast geldt dat zolang de nieuwe begrenzing van de EHS niet duidelijk is, dit ook onzekerheid voor andere met de EHS samenhangende doelen betekent, zoals landbouwstructuurverbetering en waterdoelen. GS hebben daarom besloten voorlopig een pas op de plaats te maken voor gebiedsprocessen waarvoor nog geen financiële verplichting is aangegaan. Gezamenlijk met de gebiedscommissies en de daarin deelnemende partners wordt nu in kaart gebracht wat de concrete gevolgen zijn van het voornemen tot opschorting. Op basis hiervan zullen GS uiteindelijk gaan beslissen hoe verder te gaan met de gebiedsprojecten.
De uitvoering van de gebiedsprojecten waarvoor al wel financiële verplichtingen zijn aangegaan, kan doorgaan. Met uitzondering van de activiteiten in het kader van de robuuste verbindingen.
8 februari 2011 - website Provincie Overijssel -